de amsterdamse jeugdteJAterschool

Cultuureducatie
Aangevraagd: € 149.568
Toegekend: € 120.000
Toegekend 2013-2016: € 94.890

Inleiding

De in 1990 opgerichte amsterdamse JeugdteJAterschool (AJTS) wil Amsterdamse kinderen en jongeren spelenderwijs uitdagen en hen laten ervaren dat spelen en samenwerken via theater hen plezier, zelfkennis, inzichten én eigenwaarde oplevert en dat het hen daarnaast vaardigheden biedt die ook in het dagelijks leven toepasbaar zijn. De school vindt het belangrijk kinderen en jongeren die van huis uit niet snel met theater in aanraking komen met het theatervak te laten kennismaken en hen de kans te bieden zich hierin te ontwikkelen en te bekwamen. De AJTS beoogt het bereik van jeugd met cultureel diverse achtergronden te vergroten door aansluiting te vinden bij hun achtergrond en belevingswereld. De AJTS beschouwt talentontwikkeling als een langetermijninvestering. De school werkt met doorlopende leerlijnen en biedt een brede oriëntatie op verschillende kunstvakopleidingen en een voorbereiding op audities hiervoor. Het kernaanbod bestaat uit zowel binnen- als buitenschoolse activiteiten in de fasen kennismaken, ontwikkelen, bekwamen en excelleren. Het buitenschoolse aanbod vindt plaats op de hoofdlocatie en op vier dependances in verschillende Amsterdamse wijken.

De aankomende kunstenplanperiode wil de AJTS acht hoofddoelen realiseren: groei, continuïteit en het waarborgen van de kwaliteit van het aanbod, het uitbreiden van het binnenschoolse aanbod in samenwerking met scholen, het uitbreiden van het aanbod Taal en Theater ten behoeve van (nieuwe) Amsterdammers, het vergroten van de diversiteit binnen de organisatie zelf en in het bereik van buitenschoolse leerlingen, het voortzetten van de wijkgerichte activiteiten, het vergroten van de toegankelijkheid voor kinderen en jongeren met minder kapitaalkrachtige verzorgers, het verbeteren van aansluiting tussen binnen- en buitenschoolse aanbod en het intensiveren van de samenwerking met nieuwe en bestaande partners. Om de beoogde groei in de buitenschoolse activiteiten te kunnen realiseren, opent de AJTS een extra dependance in Amsterdam-West. Ook het binnenschoolse aanbod wordt uitgebreid, waarbij ernaar gestreefd wordt de activiteiten aan te laten sluiten op diverse belevingswerelden, waaronder die van nieuwe doelgroepen. Om genoemde doelen te bereiken zet AJTS onder meer in op voldoende ondersteuning en kennis bij de dagelijkse uitvoering van het primaire proces. Ook wil de AJTS de salariëring meer in lijn brengen met de CAO, een grotere kantoorruimte betrekken en investeren in diversiteitsbeleid.

De AJTS ontvangt in de periode 2013-2016 meerjarige subsidie vanuit het Kunstenplan van de gemeente Amsterdam voor een bedrag van € 94.890 per jaar. Aan het AFK, wordt in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een bedrag van gemiddeld € 149.568 per jaar gevraagd.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. Zij vindt de filosofie en werkwijze van de organisatie gedegen en solide, maar mist wel een uitgesproken visie op cultuureducatie en met name op de (ontwikkeling) van de artistieke component van het theateraanbod. Zo wordt in de aanvraag het onderwerp diversiteit behandeld en stelt de school zich te willen verdiepen in andere theatertradities. Er wordt echter niet nader ingegaan op de hiermee verbonden noodzaak om andere verhalen en andere manieren van vertellen en overdragen te ontwikkelen. De commissie vindt het jammer dat in de artistiek-inhoudelijke visie van de AJTS iedere verwijzing naar verdere verdieping van de eigen ervaring en expertise of het aangaan van experimenten richting nieuwe theatervormen ontbreekt. Uit het plan voor 2017-2020 spreekt wel ambitie tot groei en consolidatie van de activiteiten. De commissie had, gezien de goede stappen die de school zet op het gebied van het bereiken van nieuwe doelgroepen, graag nog meer ambitie gezien in relatie tot een eigentijdse benadering van theater maken, aandacht voor community based werkwijzen of het stimuleren van crossovers met andere disciplines en doelgroepen. Dit kan ook de – op zich ruim voldoende – zeggingskracht van het aanbod verder versterken, zoals blijkt uit het onderdeel Taal en Theater waarmee de organisatie hier wèl enigszins op inzet.

De commissie is positief over het vakmanschap, dat onder andere wordt erkend in de vorm van prijzen en positieve publiciteit in de media. Ook de uitwerking van een veelzijdig aanbod langs de gehele lijn van kennismaken tot en met excelleren overtuigt. De sterke focus op talentontwikkeling en oriëntatie op de beroepspraktijk, resulteert in een hoog doorstromingspercentage van leerlingen die de lange leerlijn hebben gevolgd naar mbo- en hbo-theateropleidingen. De commissie vindt de groei in de binnenschoolse activiteiten lovenswaardig. Wel hecht ze er waarde aan dat deze activiteiten in een evenwichtige verhouding tot het buitenschoolse programma blijven staan. Het aanbod in de vrije tijd is naar de mening van de commissie de ‘core business’ van deze specifiek op talentontwikkeling gerichte jeugdtheaterschool.

De commissie is onder de indruk van de goede realisatie van de dependances in de huidige subsidieperiode. De ambitie om in toenemende mate stadsbreed aanwezig en toegankelijk te zijn, sluit aan bij het voornemen van AJTS om nieuw en cultureel divers talent te scouten en zich te verdiepen in andere theatertradities. De school anticipeert hiermee goed op een veranderende kunstpraktijk onder invloed van onder andere migratie en economische tegenslag.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. Het valt de commissie op dat de AJTS een organisatie is met ruime personele kosten en overhead. De begroting voor 2017-2020 groeit fors. Deze stijging wordt in het ondernemingsplan cijfermatig onderbouwd. Gezien de beperkte groei van het aantal te bereiken scholen in de komende periode in samenhang met de reeds hoge kosten, is de commissie niet overtuigd van de noodzaak van een verhoging van de subsidie voor het aantrekken van een extra medewerker onderwijs. De onderwijsactiviteiten worden – exclusief overhead – zo goed als kostendekkend in de markt gezet. In het licht hiervan is de commissie uiterst kritisch over het feit dat de stijging van de kosten volledig uit de gevraagde verhoging van subsidiegelden wordt gebudgetteerd. Ondanks een groeiend publiek en het aantal partners en afnemers neemt de subsidie bijdrage significant toe en wordt deze tijdens de vierjarige periode niet afgebouwd of verminderd. De commissie mist ook een duidelijke aanpak voor het bereiken van een evenwichtige mix van verschillende, elkaar versterkende financieringsbronnen. 
De sponsorinkomsten stijgen nagenoeg niet en de bijdrage uit private middelen blijft vier jaar lang gelijk.

De Raad van Toezicht van de AJTS leeft de Governance Code Cultuur na. Vergroting van de organisatorische diversiteit is een missie voor de komende beleidsperiode. Hoewel niet duidelijk wordt of deze ook voor het bestuur geldt, wordt er onderzoek gedaan om tot een concrete aanpak te komen.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. De commissie heeft er waardering voor dat de AJTS een duidelijke visie heeft op publieksbereik en streeft naar een toegankelijk aanbod voor een breed publiek. Ze weet deelnemers in langere (talentontwikkelings-)trajecten vast te houden. Wel hadden de verschillende stappen in dit proces, van nieuwe aanwas tot excelleren, beter benoemd kunnen worden.

De AJTS doet – als instrument om gestage groei te realiseren – gericht publieksonderzoek naar nieuwe doelgroepen. De dependances dienen om de diversiteit in het leerlingenbestand te vergroten en minder draagkrachtigen te bereiken. Dat de dependances in scholen en buurthuizen zijn gevestigd en hier een kort - en langer lopend aanbod theaterlessen wordt aangeboden, verlaagt de drempel tot deelname. De commissie constateert op basis van de behaalde resultaten in de periode 2013-2016, dat dit concept succesvol is gebleken: het aantal leerlingen op deze dependances is de afgelopen jaren gegroeid. Het bereik op de hoofdlocatie nam daarentegen iets af.

In 2018 wordt voorzien in een extra dependance in Bos en Lommer/Kolenkitbuurt. Ondanks dat de AJTS melding maakt van een marketingactie om in Bos en Lommer in contact te komen met ouders van potentiële cursisten, ontbreekt in het ondernemingsplan een overtuigend uitgewerkte marketingstrategie hiervoor. Ook een algemeen marketingplan ontbreekt.
De commissie heeft op basis van de behaalde resultaten in recente jaren echter vertrouwen in de haalbaarheid van het beoogde publieksbereik voor deze dependance. De commissie vindt het verstandig dat de organisatie dit voorzichtig heeft ingeschat.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als goed. Het belang van de AJTS voor de stad op het gebied van talentontwikkeling is, mede door het wijkgericht werken in de dependances, groot. Hiermee is de AJTS een belangrijke talentvoorziening in de toeleiding naar kunstvakonderwijs. De commissie is positief over het feit dat de school op de verschillende locaties de samenwerking met welzijnsorganisaties en scholen opzoekt. Ook wordt veel samengewerkt met het culturele veld.

De beginnende samenwerking tussen de jeugdtheaterscholen in het Overleg Jeugdtheaterscholen Amsterdam (OJA) vindt de commissie een goede ontwikkeling. 
De voorgenomen activiteiten, zoals deze in de bijlage worden geschetst, acht zij echter onderdeel van de corebusiness van de jeugdtheaterscholen. De commissie constateert geen visionaire en strategisch uitgewerkte vorm van samenwerking op het gebied van zakelijke leiding, marketing en expertise, die de reguliere praktijk zodanig ontstijgt dat het een extra bijdrage onderbouwt.

De spreiding beoordeelt de commissie als voldoende. De meeste activiteiten vinden plaats in stadsdeel Zuid en daarnaast zijn er activiteiten in de stadsdelen West, Oost, Noord, Nieuw-West en Centrum. De AJTS is met zijn activiteiten de afgelopen jaren steeds meer de stad in getrokken en heeft het bereik uitgebreid naar diverse andere stadsdelen. De opening van een nieuwe dependance in stadsdeel West draagt – samen met de overige dependances – bij aan een nog betere spreiding.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van de amsterdamse jeugdteJAterschool te honoreren voor een bedrag van € 120.000 per jaar. Dit is gebaseerd op het huidige bedrag, met een opslag voor uitbreiding van de dependances en de door de commissie realistisch geachte groei in de overige onderdelen. De commissie adviseert niet bij te dragen aan het OJA-deel van de aanvraag.