AGA LAB

BFNA
Aangevraagd: € 90.400
Toegekend: € 70.000
Toegekend 2013-2016: € 48.950

Inleiding

AGA LAB is een platform voor druktechnieken, een maakplek en laboratorium voor kruisbestuiving op het gebied van techniek, materiaal en beeld. Doelgroep is zowel het autonome kunstenveld als de wereld van grafische vormgeving, industriële vormgeving, social design en digitale media. De laatste twaalf jaar heeft AGA LAB eigen projecten en programma’s ontwikkeld om de positie van druktechnieken in de hedendaagse kunst- en ontwerpsector te bevragen en het medium vanuit verschillende invalshoeken te onderzoeken. AGA LAB is volgens de organisatie anno 2015 uitgegroeid tot een goed geoutilleerd openbaar atelier en organiseert masterclasses, workshops, lezingen en presentaties. Het Artist in Residence programma (AiR) biedt onderdak aan internationale kunstenaars en ontwerpers.

AGA LAB is primair een facilitaire organisatie en heeft twee pijlers: AGAstudio en AGAcampus. AGAstudio staat voor de werkplaatsfunctie voor kunstenaars en ontwerpers die werk maken in eigen beheer. De organisatie faciliteert deze groep van zo’n 280 kunstenaars. Zij kunnen gebruik maken van een regulier aanbod van workshops en masterclasses. AGAcampus is de artistiek-inhoudelijke component. Via de artistiek-inhoudelijke adviseurs worden talenten uitgenodigd om als artist in residence (AiR) te experimenteren met technieken, toepassingen en materialen. De uitkomst wordt getoond aan publiek. Ook initieert AGA LAB regelmatig debatten omtrent grafische techniek in diverse toepassingen en projecten. Verder voorziet de organisatie in printing-on-demand opdrachten die extra inkomsten genereren ten behoeve van het reguliere aanbod van AGA LAB. De organisatie biedt ook leertrajecten aan voor opleidingen als Artemis en ROC Art + Design.

Voor de periode 2017-2020 wil AGA LAB zich niet alleen op crossovers van techniek richten, maar ook op maatschappelijke of cross-sectorale projecten en onderzoek. De samenwerking met Waag Society op het gebied van bio art geeft hier de komende jaren gestalte aan. Hiernaast zet AGA LAB de komende periode steviger in op onderzoek op het snijvlak van kunst en wetenschap. Ook wil de organisatie meer kunnen sturen op de invulling van het AiR-programma, een actieve rol innemen in de coproductie van kunstprojecten en bijdragen aan de realisatie van projecten en werkperiodes van makers die zich onderscheiden in onderzoek en engagement. Zo wil AGA LAB inspelen op de groeiende aandacht voor het ‘maken’ en in het kunstveld de blik verbreden.

AGA LAB ontvangt in de periode 2013-2016 meerjarige subsidie vanuit het Kunstenplan van de gemeente Amsterdam voor een bedrag van € 48.950 per jaar. De meerjarige subsidie die nu aan het AFK wordt gevraagd bedraagt € 90.400 per jaar en is bedoeld voor het geheel van activiteiten.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. De commissie ziet AGA LAB meer als een organisatie die het faciliteren van het werkproces van de kunstenaar voorop stelt, dan als een instelling die vanuit een artistiek-inhoudelijke visie op de kunsten werkt. AGA LAB spant zich op vakkundige wijze in om klassieke grafische technieken actueel te houden en (jonge) kunstenaars hiervoor te interesseren en te enthousiasmeren. Kunstenaars kunnen voor langere tijd onderzoek doen. Voor veel (jonge) kunstenaars betekent de werkperiode in AGA LAB een stap voorwaarts in hun artistieke praktijk. Positief vindt de commissie dat het de afgelopen jaren gelukt is om de diversiteit van activiteiten toe te laten nemen. AGAstudio biedt een doorlopend aanbod van workshops, educatie, werkplaatsactiviteiten en masterclasses aan.

AGA LAB heeft geen artistiek leider, maar werkt wel met een breed team van artistiek adviseurs. De organisatie staat in de ogen van de commissie nog aan het begin van de door de organisatie beoogde platformfunctie voor onderzoek en talentontwikkeling. De artistiek-inhoudelijke visie op dit gedeelte is nog weinig overtuigend uitgewerkt. AGA LAB zegt nadrukkelijk te zoeken naar de dialoog tussen kunstenaars, ontwerpers en andere creatieve professionals over maatschappelijke ontwikkelingen. Op dat punt mist de commissie in het plan echter verdieping en uitwerking. Welke maatschappelijke ontwikkelingen het bijvoorbeeld betreft, wordt niet goed uitgelegd. Verder mist de commissie bij de AGA-campus de uitwerking van een model of structuur voor de begeleiding van de kunstenaars.

De grote kracht en het onderscheidende kenmerk van AGA LAB blijft volgens de commissie de klassieke werkplaatsfunctie: kennisoverdracht, vakmanschap en innovatie daarvan. De aard van de organisatie is er niet naar om een uitdagend artistiek programma te bieden. De commissie is van mening dat de zeggingskracht van de organisatie eerder wordt vergroot door de verdere ontwikkeling van sterkere educatieprogramma’s, samenwerkingen en verbindingen, dan door de ontwikkeling van een artistiek-inhoudelijk programma.

AGA LAB is van belang voor de makerscultuur in de stad, voor het borgen van oude en nieuwe grafische technieken en het behoud en de verspreiding van ambachtelijke kennis. Het groeiend aantal en de diversiteit van de deelnemende kunstenaars weerspiegelt dit in de ogen van de commissie. Dergelijke ambachtelijke verdiepingsmodellen worden elders niet aangeboden in de stad waarmee de organisatie een onderscheidende positie inneemt in de stad.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. De commissie constateert dat de organisatie in de afgelopen kunstenplanperiode veel inspanningen heeft geleverd om af te slanken en de kosten te verlagen. De organisatie is verhuisd, er is fors bezuinigd en eigen inkomsten zijn substantieel vergroot. AGA LAB heeft gemiddeld een percentage van 50% eigen inkomsten kunnen bereiken, komend van 25% in 2012. Dit vindt de commissie een knappe prestatie. AGA LAB vraagt nu om bijna een verdubbeling van de bijdrage van het afgelopen Kunstenplan. AGA LAB geeft aan deze middelen nodig te hebben voor de extra inzet in structurele capaciteit, om groei en meer extra inkomsten te kunnen blijven realiseren. Daarnaast wordt een groot gedeelte van de bijdrage ingezet voor dekking van oplopende vaste kosten door onder andere een huurverhoging.

Ondanks de aanzienlijke stijging in eigen inkomsten en kostendaling de afgelopen jaren is de bedrijfsvoering precair. Er is weinig ruimte voor opvang van risico’s. AGA LAB geeft in het organisatieplan wel een overzicht van de financiële risico’s, maar dit gaat eigenlijk alleen in op het risico van het geleidelijk aan wegvallen van middelen uit de Sargentini-regeling. Om dat (gedeeltelijk) op te lossen, vraagt AGA LAB onder andere extra middelen van het AFK. Compensatie van kosten voor afbouw van de Sargentini-regeling is echter niet mogelijk met kunstenplangelden.

De commissie constateert dat door de krappe financiële situatie de bedrijfsvoering en werkplaatsfunctie onder druk staan. Investering in meer structurele capaciteit is in de ogen van de commissie een passende strategie om meer stabiliteit en daarmee meer ruimte te creëren om de eigen inkomsten door te laten groeien. De commissie constateert dat AGA LAB van de beoogde gemiddelde batenstijging in de begroting voor de aankomende periode het grootste gedeelte denkt te halen uit de beoogde verhoging van de kunstenplanbijdrage. Gezien de goed vermarktbare aard van de facilitaire activiteiten, vindt de commissie dat het mogelijk moet zijn een groter deel van de kostenstijging zelf te verdienen. AGA LAB dient dan ook initiatief te blijven nemen om de zelfstandige verdiencapaciteit verder te versterken. Dat AGA LAB in de plannen veel inzet op (verdergaande) samenwerking ziet de commissie als een positieve en noodzakelijke ontwikkeling naar een toekomstbestendige zakelijke bedrijfsvoering, passend bij de aard van een facilitair georiënteerde organisatie.

Bestuur en toezicht zijn georganiseerd volgens de principes van de Governance Code Cultuur. Er is een visie op culturele diversiteit in personeel en organisatie, die echter nog niet zichtbaar is in de samenstelling van team en bestuur.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als voldoende. AGA LAB weet het lokale vakpubliek goed te bereiken, hetgeen zich niet alleen vertaalt in goede bezoek- of gebruikerscijfers, maar ook in een bescheiden groei van inkomsten. De commissie is positief over de grote mate van kennisuitwisseling op de werkvloer binnen de kunstenaarscommunity, wat AGA LAB in potentie tot een makersknooppunt kan doen uitgroeien.

AGA is zich bewust van de culturele diversiteit van de stad, ook door de locatie waar het is gevestigd. De organisatie geeft zich hier op een originele manier rekenschap van door culturele diversiteit in de grafische taal als aanknopingspunt in te zetten. Dat AGA LAB aansluiting zoekt en vindt bij thema’s in de wijk draagt bij aan de bekendheid van de organisatie en is voor het bereik van een cultureel divers publiek cruciaal. De combinatie van samenwerkingen met de buurt enerzijds en de interactie met internationale kunstenaars anderzijds wekt bewondering.

Wel heeft AGA LAB in de ogen van de commissie een summier geformuleerde visie op de opbouw van publiek. De commissie mist een specifieke aandacht en de daarbij behorende aanpak door AGA voor bepaalde doelgroepen. AGA LAB maakt onderscheid tussen drie doelgroepen binnen het brede aanbod van workshops en masterclasses, maar de benadering per doelgroep wordt niet vertaald in het marketingplan. De organisatie lijkt de afgelopen jaren minimaal publieksonderzoek te hebben verricht, wat wel in de rede zou liggen. De organisatie zou een duurzamer opbouw van publieksrelaties kunnen bewerkstelligen door een meer volwaardige communicatiestrategie te ontwikkelen. Die blijft nu naar het oordeel van de commissie te globaal geformuleerd, met veel intenties en weinig initiatieven.

AGA LAB zet de beoogde samenwerkingen met andere instellingen in de verschillende stadsdelen in de ogen van de commissie nog te beperkt in ten behoeve van een breder publieksbereik en versterking van de aanwezigheid in de stad. De locatie is excentrisch gelegen in Amsterdam en vraagt daardoor om een actieve inzet.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als goed. Als een van de initiatiefnemers van het platform ontwikkelinstellingen neemt AGA LAB zijn sectorale verantwoordelijkheid. De organisatie stelt zich proactief op in de verbinding met andere (middelgrote) instellingen in de stad. Daarnaast is AGA LAB een gewaardeerd samenwerkingspartner in de culturele sector van de stad. AGA LAB verbindt zich niet heel nadrukkelijk met stedelijke thema’s, maar heeft door zijn buurtprogramma’s een goede inbedding in het cultuuraanbod van de wijk.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. De programmering vindt voornamelijk plaats in het westelijk deel van de stad, de werkplaatslocatie van AGA LAB in de Kolenkitbuurt.

Conclusie

De commissie vindt AGA LAB vooral van toegevoegde waarde in de stad als laagdrempelige werkplaats die van belang is voor de veelzijdigheid van het aanbod en het onderzoek naar vormgevings- en kunstenaarstechnieken. De eigen artistieke programmering vindt de commissie daaraan ondergeschikt en nog weinig overtuigend. De commissie constateert dat de organisatie veel heeft gedaan om de eigen inkomsten te versterken, maar dat de bedrijfsvoering nog steeds dermate precair is dat de continuïteit onder druk staat. De commissie adviseert daarom AGA LAB te ondersteunen met het oog op organisatorische versterking en de continuïteit van de werkplaatsfunctie. Aan compensatie van de Sargentini-regeling gelden kan het AFK echter niet bijdragen. Ook is het in de ogen van de commissie niet reëel dat een zo groot gedeelte van de kostenstijging de komende periode moet worden gedekt uit de kunstenplanbijdrage. Op grond van bovenstaande overwegingen adviseert de commissie de aanvraag van AGA LAB gedeeltelijk te honoreren voor een bedrag van € 70.000 per jaar.