De Schoolschrijver

Cultuureducatie
Aangevraagd: € 350.000
Toegekend: € 50.000
Toegekend 2013-2016: € 0

Inleiding

Sinds haar oprichting in 2010 richt De Schoolschrijver zich op laagtaalvaardige leerlingen. Ze wil alle kinderen van groep drie tot en met acht een geletterde toekomst geven. Vanuit de visie dat taalbegrip en talige expressie voorwaarden zijn voor persoonlijke ontplooiing, betere kansen op school en betere maatschappelijke kansen, biedt de organisatie taalzwakke scholen een intensief traject van een half schooljaar met een professionele schrijver in de klas. Schoolschrijvers werken in het hart van het onderwijs, maar hebben daarin alle vrijheid om hun expertise op het gebied van creativiteit, verbeelding en de magische aspecten van taal te benadrukken. De Schoolschrijver wil kinderen enthousiasmeren voor lezen, hun fantasie aanwakkeren en hun schrijftalent stimuleren. De participatie van de leerling en diens omgeving, docenten en ouders staat hierbij centraal.

De Schoolschrijver consolideert in de periode 2017-2020 het intensieve traject specifiek voor taalzwakke scholen. In Amsterdam loopt het deelnemend aantal scholen in dit aanbod terug van 20 naar 15. Vanaf 2017 start de organisatie daarnaast met kortdurend aanbod (modules) en digitaal aanbod voor reguliere scholen, dat via een hiervoor te ontwerpen platform wordt aangeboden. Het bereik hiervan loopt op van 5-30 Amsterdamse scholen in het pilotjaar tot 55-95 scholen in 2020.
Het modulaire aanbod combineert een live Schoolschrijver met digitale middelen. Dit digitale aanbod wordt in samenwerking met verschillende strategische partners ontwikkeld en is gericht op alle basisscholen. Het te ontwikkelen platform heeft een tweeledig doel: kennisdeling en acquisitie van de modules. De drie Modulelijnen zijn Schoolschrijver in de klas, De Schoolschrijver Academie gericht op de professionalisering van leerkrachten en de Oudersalon, waarin ouders als partner in de lettereneducatie worden ingezet. Het modulaire aanbod bevat losse bouwstenen van de intensieve interventie, zodat scholen door verschillende modules af te nemen een leerlijn kunnen uitbouwen en het aanbod kunnen borgen. Dit biedt volgens De Schoolschrijver kansen om flexibel in te spelen op de inhoudelijke behoefte, op geschikte momenten in het schooljaar en op de beschikbare financiële middelen van de school. Er is doorstroom van het intensieve traject naar modulair aanbod mogelijk, waardoor dit intensieve traject weer beschikbaar wordt voor nieuwe scholen. Dit stelt De Schoolschrijver naar eigen zeggen in staat om meer Amsterdamse kinderen te verrijken met het letterenaanbod, de lettereneducatie meer zichtbaar te maken en een grotere landelijk bereik te realiseren.

Deze uitbreiding maakt tevens uitbreiding en versteviging van de organisatie met andere competenties en expertise noodzakelijk. De Schoolschrijver stelt zich binnen de lettereneducatie te onderscheiden door een schrijver in het hart van het onderwijs te plaatsen en door een totaalaanpak waarin lezen en schrijven elkaar versterken.

De subsidie die voor de periode 2017-2020 in het kader van het Kunstenplan aan het AFK wordt gevraagd bedraagt € 350.000 per jaar.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als ruim voldoende. Uit de aanvraag spreekt een educatieve visie die overtuigend vertaald wordt in een samenhangende programmering. De specifieke aandacht voor taalarme kinderen en de onderscheidende aanpak met een professionele schrijver die voor langere tijd aan de school verbonden is, versterken het belang. Onderdelen als de Talentenklas voor leerlingen die zich verder willen ontwikkelen en de Oudersalon overtuigen. Het intensieve traject heeft naar de mening van de commissie een sterke zeggingskracht voor de deelnemers en wordt met vakmanschap uitgevoerd. De kinderen maken van dichtbij kennis met het beroep van schrijver doordat ze een concrete persoon kunnen bevragen en leren kennen en die hen uitdaagt hun eigen fantasie, vaardigheden en verbeeldingskracht te ontwikkelen. Uit de in de aanvraag geleverde informatie blijkt dat de kwaliteit die De Schoolschrijver levert zowel door de scholen als het professionele veld gewaardeerd wordt.

De Schoolschrijver is met name op taal en literatuur gericht. Naar mening van de commissie is met name in het modulair aanbod de kunstzinnige component in deze aanvraag summier uitgewerkt. Een uitgesproken creatieve benadering, aansluiting bij andere creatieve domeinen of crossovers met andere kunstdisciplines ontbreken in dit deel van het aanbod. Het kan een bewuste keuze zijn om niet, zoals sommige andere organisaties, vanuit een meer geïntegreerde benadering te werken. Dit wordt in het plan echter niet toegelicht. Ook mist de commissie in het ondernemingsplan een heldere visie op de eigen positie binnen de cultuureducatie in het algemeen en de lettereneducatie in het bijzonder. Afgezien van de beschreven samenwerking met Mocca had de commissie de aansluiting bij het basispakket cultuureducatie graag scherper geformuleerd gezien.

Door het modulaire aanbod van De Schoolschrijver kunnen scholen op flexibele wijze hun eigen programma of deelprogramma samenstellen. Dit maakt - mede om financiële redenen - een groter en laagdrempeliger bereik mogelijk. Naar mening van de commissie leiden deze modules in de uitwerking zoals deze in de aanvraag geschetst wordt echter nog niet tot een overtuigende inhoudelijke verrijking ten opzichte van het huidige aanbod. De artistieke kracht van het aanbod van De Schoolschrijver ligt volgens de commissie juist in de intensieve aanwezigheid van de schrijver als kunstenaar in de klas en in zijn artistieke interactie met de leerlingen. De commissie ziet in het modulair aanbod deze aanwezigheid en interactie afnemen. Met meer nadruk dan binnen het intensieve traject op taaleducatieve elementen vormt het modulair aanbod naar mening van de commissie een interessante aanvulling op taalonderwijs, maar een minder overtuigend, onderscheidend cultuureducatief aanbod met artistieke resultaten tot gevolg.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als ruim voldoende. De (vaste) personele lasten en directiekosten vindt de commissie ruim begroot. De begroting van 2017 is fors ten opzichte van die van 2014/2015, met name als gevolg van de uitbreiding met een digitale omgeving. Een deel van de gevraagde subsidie is bestemd voor de ontwikkeling van het platform. De Schoolschrijver wil het platform daarna op de markt brengen. De commissie is echter nog niet overtuigd van de resultaten van dit platform; het lijkt minder krachtig dan de activiteiten van het intensieve traject op scholen.

De commissie vindt de financieringsmix goed en veelzijdig. Het valt de commissie echter op dat een sterke groei van baten is begroot, die niet voortkomt uit de bijdragen van het toenemende bereik van scholen, maar uit subsidies en bijdragen van een veelheid aan private fondsen. De scholenbijdrage beslaat een bijzonder klein percentage van de totaalbegroting, maar vindt de commissie op zich realistisch. Het onderzoek van De Schoolschrijver naar de mogelijkheden van sponsoring van lokale en regionale bedrijven getuigt van ondernemerschap. De commissie vindt het aan het AFK gevraagde bedrag opmerkelijk hoog. In het ondernemingsplan wordt de hoogte van het bedrag niet afdoende onderbouwd of toegelicht. Daarbij meent de commissie dat de activiteiten - met name in het modulaire deel - voor een relevant deel taalonderwijs betreffen, waarvoor veel meer onderwijsgelden ingezet zouden moeten worden.

De Schoolschrijver streeft ernaar de financiële kwetsbaarheid te verlagen door de verdere uitbouw van het eigen vermogen en het consolideren van de kaspositie. Dit vindt de commissie verstandig, daar het eigen vermogen laag is ten opzichte van de begroting. Vanuit De Schoolschrijver zelf is de financiële bijdrage aan het, deels in ontwikkeling zijnde, platform beperkt. Dat levert risico’s op voor het product in geval er minder financiën worden gerealiseerd dan voorzien en de realisatie ervan moet worden uitgesteld. De aan het AFK gevraagde subsidie voor 2017-2020 vindt de commissie - in relatie tot het totaal aan begrote subsidies - niet in verhouding met de activiteiten en het bereik in Amsterdam ten opzichte van het bereik daarbuiten. Het Amsterdamse bereik en het daar geplande aantal activiteiten neemt procentueel af ten opzichte van het landelijk bereik.

Het bestuur van De Schoolschrijver volgt de Governance Code Cultuur en is voornemens om in de periode 2017-2020 een actief beleid te voeren om de culturele diversiteit binnen de organisatie te verbeteren.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. De Schoolschrijver probeert haar deelnemerspubliek te behouden door nieuw te creëren doorstroommogelijkheden tussen het intensieve traject en modulair aanbod. Door de laagdrempelige aard hiervan worden ook nieuwe scholen bereikt. De primaire doelgroep is de school. De Schoolschrijver formuleert een heldere visie op het belang van participatie van de leerkrachten en van ouders van de leerlingen. Deze subdoelgroepen worden met gericht aanbod bereikt; de leerkrachten via De Schoolschrijver Academie en de ouders middels de Oudersalon. Er wordt jaarlijks evaluatieonderzoek gedaan en er vindt onafhankelijk onderzoek plaats naar de ervaringen met en de effecten van het aanbod.

De Schoolschrijver bereikt met haar aanbod een belangrijke doelgroep cultureel diverse, laagtaalvaardige leerlingen van verschillende schooltypen in het primair onderwijs, verspreid over de stad, alsmede hun leerkrachten en ouders. De samenwerking op het gebied van Nieuwkomeronderwijs vindt de commissie daarbij uiterst zinvol.

De komende vier jaar verwacht De Schoolschrijver een groeiend publieksbereik door het modulaire en digitale aanbod. Het concrete bereik van het nieuw te ontwikkelen aanbod dat via het platform afgenomen wordt, is moeilijk in te schatten. De commissie vindt het een minder positieve ontwikkeling - zeker gezien het bij het AFK hoge aangevraagde bedrag - dat daarbij het totale aantal Amsterdamse (fysieke) activiteiten en bezoeken afneemt, met een kleine opleving in 2020 die echter onder het niveau van 2017 blijft. Dit terwijl het bereik buiten Amsterdam juist toeneemt van een kleine elfduizend bezoeken in 2017 naar ruim zeventienduizend in 2020.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als voldoende. De Schoolschrijver werkt samen met onder andere Stadsschouwburg Amsterdam, uitgeverij Zwijsen, Mocca, Voorleesexpress en het LKCA. Er is contact met de stedelijke samenleving middels coalities met het onderwijs, bibliotheken en door maatschappelijke onderwerpen die via de schoolschrijvers in de klas behandeld worden. Daarnaast heeft De Schoolschrijver verschillende zakelijke partners.

De meeste samenwerkingen zijn naar mening van de commissie goed, zij het met name functioneel en minder inhoudelijk. Er lijken blijkens de aanvraag nog weinig samenwerkingen te worden aangegaan met andere relevante Amsterdamse educatieaanbieders in Amsterdam. Het verbaast de commissie dat er geen samenwerking wordt beschreven met organisaties die zich op hetzelfde vlak bewegen, zoals Schrijvers School Samenleving en Stichting Lezen. Terecht stelt De Schoolschrijver dat er meer samenwerking nodig is met aanbieders op het gebied het lettereneducatie. De commissie is dan ook positief over het voornemen de activiteiten van aanbieders in deze discipline in kaart te brengen en een disciplinebreed plan uit te werken.

De spreiding beoordeelt de commissie als goed. De Schoolschrijver heeft een evenwichtige spreiding over alle stadsdelen. Van het totaal van de voorgenomen activiteiten en bezoeken in Amsterdam, vindt het kleinste aandeel plaats in de stadsdelen Zuid en Centrum.

Conclusie

In het licht van bovenstaande overwegingen bij de zakelijke kwaliteit, adviseert de commissie de aanvraag van De Schoolschrijver gedeeltelijk te honoreren met een jaarlijkse bijdrage van € 50.000 ten behoeve van de schoolschrijvers in het Amsterdamse deel van het intensieve traject.