De Kinderakademie

Cultuureducatie
Aangevraagd: € 70.065
Toegekend: € 0
Toegekend 2013-2016: n.v.t.

Inleiding

De Kinderakademie stimuleert de creatieve ontwikkeling van kinderen door middel van activiteiten op het gebied van beeldende kunst, die worden uitgevoerd door professionele kunstvakdocenten in een daartoe ingerichte leeromgeving. Hierbij staan drie aspecten centraal: de creatief inhoudelijke ontwikkeling van het kind, de ik-ontwikkeling van het kind en de interactie tussen de kunstvakdocent en het kind. De organisatie is in 1997 opgericht onder de naam Atelier Sanne, sinds 2008 gevestigd in het pand van Ateliers Westerdok te Amsterdam, en verzorgt creatieve projecten, cursussen, workshops en vakantiekunstweken voor kinderen en jongeren tussen 5 en 15 jaar. In samenwerking met de Openbare Bibliotheek Amsterdam (OBA) worden ook locatieprojecten, programma’s en workshops op maat voor scholen ontwikkeld. De Kinderakademie heeft de ambitie om dé voor iedereen toegankelijke instelling voor kunsteducatie op het gebied van beeldende kunst te worden voor een brede doelgroep.

De komende vier jaar wil De Kinderakademie, vanuit Ateliers Westerdok, haar aanbod professionaliseren en consolideren, en haar stedelijk belang versterken door uitbreiding naar meerdere stadsdelen. Dit zal volgens de aanvrager met name geschieden door het vrijspelen van de artistieke leider, zodat deze zich de komende vier jaar kan toeleggen op:

- de uitrol van het buitenschoolse concept en de Vakantiekunstweken over de stad, middels het oprichten van locaties in de stadsdelen West, Zuid of Zuidoost en Oost in 2018, 2019 en 2020;

- de ontwikkeling van nieuwe programma’s voor de Vakantiekunstweken. Er worden per locatie 4 Vakantiekunstweken per jaar ontwikkeld. In 2018 zullen er 8 Vakantiekunstweken in de stad worden aangeboden, in 2019 worden dat er 12 en in 2020 worden dat er 16;

- samenwerking met scholen ter ontwikkeling van een leerlijn, om zo te bouwen aan een curriculum kunsteducatie voor het basisonderwijs. In 2017 wordt met 2 scholen in West gestart, vervolgens komen er jaarlijks twee scholen bij uit de omgeving van de nieuw opgezette locaties;

- de productie van instructiefilms, ten behoeve van dit curriculum. In 2017 worden er 30 filmpjes geproduceerd, in 2018 nog eens 10;

- de ontwikkeling van een curriculum voor een niet schoolgebonden, meerjarig talentontwikkelingsprogramma, dat op de vier locaties wordt geïmplementeerd;

- de opzet van een database van kunstdocenten.

Bij het AFK wordt in het kader van het Kunstenplan voor de periode 2017-2020 een jaarlijkse bijdrage van gemiddeld € 70.065 gevraagd.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als voldoende. De Kinderakademie formuleert in het plan een artistieke visie die het belang van het ontdekken van creativiteit door kinderen centraal stelt, en schetst specifieke eisen die aan de docerende kunstenaars gesteld worden. Dat er naast actieve kunstbeoefening ook aandacht is voor receptieve en reflectieve aspecten is positief. In ambachtelijk opzicht is er voldoende vertrouwen in het vakmanschap en de professionaliteit om de lessen uit te voeren. De visie op de positionering van De Kinderakademie binnen het stedelijke binnen- en buitenschoolse aanbod beeldende kunst, had naar mening van de commissie echter scherper gekund.

Er zijn in Amsterdam meer trajecten en programma’s die creatief talent stimuleren en vakdocenten en kunstenaars inzetten. Er mist naar mening van de commissie een eigen signatuur waarmee De Kinderakademie zich onderscheidt.

De uitbreidingsplannen zijn ambitieus, maar nog weinig inhoudelijk uitgewerkt. Een succesvolle uitrol van reeds bestaande én nieuw te ontwikkelen programma’s over de stad behoeft inhoudelijke aansluiting bij de deelnemers en hun leefwereld en organisatorische aansluiting bij de lokale infrastructuur. De wijze waarop deze aansluiting bij De Kinderakademie tot stand komt, wordt echter niet door de organisatie beschreven. Voor het binnenschools - nog te ontwikkelen - curriculum, lijkt soms te worden samengewerkt met scholen, maar tegelijk constateert de commissie dat de instructiefilms en delen van het curriculum worden ontwikkeld vóór de toekomstige afnemers ervan worden benaderd. De commissie heeft hierdoor te weinig vertrouwen in de zeggingskracht van deze nog te ontwikkelen delen van de programmering voor de beoogde deelnemers.

De commissie mist ook een gedegen analyse van de wijken waar naar uitgebreid gaat worden, een stapsgewijze uitwerking van hoe dit zal geschieden en een onderbouwing van mogelijke samenwerkingspartners die in deze gebieden reeds actief zijn. Volgens het ondernemersplan zal uitgebreid onderzoek hiernaar pas in 2018 plaatsvinden.

De veelheid en diversiteit van beoogde uitbreidingen vindt de commissie niet in lijn liggen met de recente ontwikkelingen en prestaties van de organisatie op één locatie. De activiteiten die vanuit deze locatie worden ondernomen, hebben zich vanaf 2008 stapsgewijs ontwikkeld. Het in verhoudingsgewijs korte tijd uitbreiden met drie nieuwe locaties en de gelijktijdige ontwikkeling van nieuw op te zetten instructiefilms, gecombineerd met uitbreiding in binnen- en buitenschoolse programma’s, vindt de commissie op basis van de huidige uitwerking kwalitatief en kwantitatief niet realistisch.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als zwak. De totale omzetstijging die de stichting voor en in de komende beleidsperiode beoogt, acht de commissie onrealistisch. Deze staat niet in verhouding tot de gerealiseerde omzet in de afgelopen jaren, zoals deze uit de gegevens over 2013, 2014 en 2015 blijkt. In de begroting voor 2017-2020 is sprake van een verwachte groei van de totale lasten van meer dan 100%, die met name toe te wijzen is aan stijgende personeelslasten. De commissie is van mening dat de beoogde activiteitenuitbreiding die deze stijgende kosten veroorzaakt, veel te hoog is ingeschat ten opzichte van de mate van inhoudelijke en organisatorische uitwerking ervan. Zij heeft niet het vertrouwen dat deze beoogde uitbreiding op dit niveau gerealiseerd kan worden. De artistiek leider wordt voor verder onderzoek en verdere invulling van de plannen een volledig jaar vrij geroosterd. In afwachting daarvan zijn de plannen nog weinig concreet. De commissie vindt dat de kosten hiermee te ver voor de baten uitgaan.

Tussen 2017 en 2020 beoogt De Kinderakademie bijna een verviervoudiging van de eigen inkomsten. Een overtuigende onderbouwing met een diverse, haalbare inkomstenmix die deze verviervoudiging aannemelijk maakt, ontbreekt. Het grootste deel van de subsidies wordt bij het AFK aangevraagd, aangevuld met een gedurende de beleidsperiode toenemend bedrag aan incidentele subsidies, dat uiterst onzeker lijkt. Deze stijging is ook niet in lijn met de in het plan gestelde conclusie dat de zakelijke markt geen interesse lijkt te hebben in projectondersteuning, en dat er weinig subsidiënten zijn die passen bij dat wat De Kinderakademie nastreeft. Ook constateert de commissie dat het gelijkblijvende eigen vermogen - uit de aanvraag blijkt geen toename - ten opzichte van de groeiende omzet te laag is om eventuele financiële tegenvallers te kunnen opvangen. Op basis van de beschikbare gegevens concludeert de commissie dat er een reëel risico is dat de organisatie de financiële verantwoordelijkheid van de gewenste groei niet aan kan.

Mede gezien de bevolkingssamenstelling van de wijken waarnaar de organisatie wil uitbreiden, is de commissie negatief over het feit dat een concrete visie en aanpak op de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht in het plan ontbreekt.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als zwak. De Kinderakademie zet in op een forse deelnemersuitbreiding, met name op locaties en scholen die nog niet bekend zijn. De resultaten van het eerdergenoemde uitgebreide onderzoek, dat is gepland nà het ontwikkelen van het voor alle locaties gelijke curriculum, worden pas in 2018 verwacht. Het in de huidige situatie nog ontbrekende draagvlak, maakt de haalbaarheid van de snelle groei resulterend in de beoogde deelnemerscijfers uiterst onzeker.

De wens om het bereik te vergroten wordt niet onderbouwd met een visie op culturele diversiteit en op het werken met verschillende doelgroepen. Een gedegen profiel of analyse van de achtergrond van de kinderen die De Kinderakademie met haar plannen wil bereiken, ontbreekt. De Kinderakademie geeft zich in haar plan ook geen rekenschap van de uiteenlopende bevolkingssamenstelling van de verschillende wijken waar locaties worden gestart. In het plan worden marketing- en communicatiestrategieën benoemd, maar geen op deze wijken gerichte acties uitgewerkt.

Hoewel De Kinderakademie een relatief groot en divers bereik beoogt, voor met name de jaren 2019 en 2020, heeft de commissie op basis van deze aanvraag niet het benodigde vertrouwen dat dit ook gerealiseerd zal worden.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding als zwak. Er worden in het plan organisaties als De Rode Loper genoemd, waar in het verleden mee is samengewerkt. Behalve OBA zijn in het plan echter nauwelijks concrete namen weergegeven van maatschappelijke, onderwijs- en culturele instellingen, die de voorgenomen structurele opzet van dependances in drie stadsdelen onderbouwen. Met twee concreet benoemde scholen wordt een coalitie opgezet, verdere samenwerking met het onderwijs lijkt nog uitgewerkt te moeten worden. Daarnaast constateert de commissie dat eventuele doorstroom van deelnemers naar een mogelijke opleiding in een creatieve sector wordt benoemd, zonder specificatie van welke sectoren en opleidingen dit betreft.

De spreiding beoordeelt de commissie als zwak. Vooralsnog is locatie Ateliers Westerdok in het centrum, naast incidenteel binnenschools aanbod, de enige zekere plaats waar structureel lessen gegeven worden. De keuze voor de stadsdelen West, Oost en “Zuid of Zuidoost” wordt niet nader toegelicht en zoals eerder gesteld zijn er op dit moment nog weinig tot geen concrete voorstellen of coalities die de beoogde groei naar een stedelijke spreiding aannemelijk maken.

Conclusie

De commissie adviseert de aanvraag van De Kinderakademie niet te honoreren.