Cinedans

Dans
Aangevraagd: € 125.000
Toegekend: € 60.000
Toegekend 2013-2016: € 35.960

Inleiding

Cinedans wil sinds 2003 dans-, film en nieuwe mediakunst verbinden en verbreden. De dansfilm kent sterk uiteenlopende vormen, zowel in inhoud als in vorm: van de klassieke filmvertoning tot videoclips, van interactieve installaties tot live performance. Cinedans toont de dansfilm in al zijn verschijningsvormen en kiest voor een brede definitie ervan.

Cinedans ziet de kwaliteit van de synthese als wezenlijk: hoe is de beweging binnen de kaders van het filmmedium vormgegeven en geordend en hoe wordt daarmee de dansbeleving van de toeschouwer aangesproken? Daarbij zijn inhoud en betekenis van de film essentieel. Cinedans geeft aan over kennis en expertise in de dansfilm te beschikken en over een netwerk van internationale vooraanstaande dansfilmmakers, dat de organisatie actief inzet om mensen te betrekken bij deze kunstvorm door middel van kunstparticipatie, educatie en talentontwikkeling.

Er wordt samengewerkt met diverse partijen: van ICK Amsterdam en het Holland Festival, tot Bijlmer Parktheater en Podium Mozaïek, tot de Blue Wolf Dancers uit Tuindorp Oostzaan en LeineRoebana. Het zwaartepunt van de activiteiten is het jaarlijkse Cinedans Festival in EYE Amsterdam. Het festival toont een selectie van de ingezonden korte dansfilms. Jaarlijks worden er de Dioraphte Cinedans Awards, de Publieksprijs en Studentenprijs voor de beste dansfilms uitgereikt. Daarnaast vertoont Cinedans documentaires en speciale programma's die de dansfilm in historisch perspectief plaatsen en context bieden.

Binnen Cinedans LAB zet Cinedans zijn kennis en expertise over dansfilms in voor onderwijsdoeleinden en talentontwikkeling met op maat gemaakte projecten voor het kunstvakonderwijs, het voortgezet en het primair onderwijs. De workshops en masterclasses sluiten aan bij de wens van jonge makers om interdisciplinair te werken en bieden hen ondersteuning bij het ontwikkelen en produceren van dansfilms. Daarnaast coproduceert Cinedans innovatief werk van kunstenaars die nieuwe media inzetten.

In 2017-2020 ligt de nadruk op het jaarlijkse Cinedans festival in EYE Amsterdam, op de uitbreiding van het aantal activiteiten in Cinedans LAB en op een onderzoek naar de mogelijkheden van het zelf produceren van films. Ook blijft er aandacht voor het opbouwen en onderhouden van een archief dat zich jaarlijks uitbreidt. Zo kunnen specifieke programma’s samengesteld worden en bouwt Cinedans zijn kennis over het genre steeds verder uit. Bovendien biedt het archief de mogelijkheid tot wetenschappelijk onderzoek naar de dansfilm. Daarnaast is Cinedans voornemens een rol te gaan vervullen in de internationale tv-distributie en in het internationaal coproduceren.

In de periode 2013-2016 ontvangt Cinedans gemiddeld € 34.460 per jaar vanuit het Kunstenplan van de gemeente Amsterdam. Cinedans vraagt in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een bijdrage van € 125.000.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als goed. Cinedans formuleert een heldere artistieke visie, die navolgbaar voortvloeit uit de positie die de organisatie inneemt binnen de sector. Het is een uniek festival binnen het Nederlandse dansveld dat in de combinatie van dans en film een nieuwe kunstvorm toevoegt in het festivallandschap. Uit de omschreven visie blijken duidelijke selectiecriteria voor de te vertonen films, waardoor de programmering een heldere samenhang heeft. De programmering van Cinedans is onderscheidend en bestaat uit een mooi en interessant palet aan activiteiten.

De organisatie heeft intensief geïnvesteerd in uitstraling, publieksbereik, internationaal netwerk en samenwerkingsverbanden. Hierdoor heeft het een herkenbaar artistiek-inhoudelijk profiel gekregen, hetgeen de komende periode verder wordt verdiept. Wel merkt de commissie op dat Cinedans met het oog op de omvang van de organisatie reeds veel activiteiten ontwikkelt en daar in de komende periode een groei in ambieert. Met name de producerende activiteiten sluiten niet altijd even duidelijk aan op de visie. Hierdoor bestaat het risico dat de focus binnen de programmering verwatert. De commissie is hierom niet overtuigd van de noodzaak voor Cinedans om zelf te gaan produceren.

De zeggingskracht van de programmering is goed. Met het festival wordt een breed publiek bereikt, dat wordt aangesproken door de verschillende uitingsvormen van dans en film. De activiteiten die gericht zijn op talentontwikkeling zijn goed doordacht en sluiten aan op de behoeften die leven bij de deelnemers. Met het archief dat Cinedans ontwikkelt draagt de organisatie bij aan documentatie ten behoeve van latere vertoningen en wetenschappelijk onderzoek. Daarbij tekent de commissie aan dat Cinedans meer zou kunnen investeren in het on demand beschikbaar stellen van het online materiaal in de video library. Op dit moment zijn er buiten het festival weinig presentatiemogelijkheden; de online beschikbaarheid zou het publieksbereik van de films aanzienlijk kunnen vergroten.

De commissie heeft vertrouwen in het vakmanschap waarmee de programmering tot stand komt. Bij de selectie van de te vertonen films staat kwaliteit voorop en de betrokken makers zijn gerenommeerd. Daarnaast is er sprake van een interessante lijst van gastprogrammeurs. Wel meent de commissie dat in de selectiecommissie een grotere vertegenwoordiging van de danssector op zijn plaats is. Nu is slechts één lid afkomstig uit de dans.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als voldoende. De commissie heeft respect voor de slagkracht van de organisatie. Met relatief beperkte omvang en middelen wordt een groot aantal activiteiten op kwalitatief hoogwaardige wijze georganiseerd. Cinedans is een kleine en effectieve organisatie met een gezonde bedrijfsvoering die voldoende basis geeft om de voorgenomen programmering en het beoogde publiek de komende vier jaar te bereiken.

De begroting is in de ogen van de commissie echter niet realistisch en haalbaar. De commissie waardeert het dat de organisatie wil investeren in goed werkgeverschap, maar de organisatie streeft een aanzienlijke financiële groei na die niet in verhouding lijkt te staan tot het aantal beoogde activiteiten. Zoals aangegeven bij de beoordeling van de artistiek-inhoudelijke kwaliteit is de commissie niet overtuigd van de noodzaak hiervan.

De mix van inkomstenbronnen is op zichzelf realistisch en er is een visie op het omgaan met risico's. Echter, de begrote publieksinkomsten zijn laag en niet in verhouding met de beoogde groei in bezoekersaantallen. Dit springt des te meer in het oog in relatie tot de verhoging in inkomsten uit subsidie. Ook valt op dat er weinig sponsorinkomsten verwacht worden en dat er geen financiële bijdrage van EYE Amsterdam is opgenomen. Het feit dat veel externe financiering projectmatig wordt verworven, betekent dat de organisatie flexibel in kan spelen op het risico van tegenvallende resultaten, door aanpassingen te doen in het programma.

Het bestuur en toezicht zijn op orde en hebben een kundige samenstelling. De Governance Code Cultuur wordt toegepast. Er is echter geen visie op en aanpak van de diversiteit van het personeelsbestand en het bestuur.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. Cinedans heeft een visie op en investeert in duurzame opbouw van publiek. Het heeft in korte tijd een goed bereik onder het Amsterdamse publiek weten te realiseren, zeker gezien het specialistische karakter van de activiteiten.

De samenwerking met EYE vindt de commissie daarbij een goede zet die van meerwaarde is voor de zichtbaarheid van het festival voor het publiek. Er wordt gedegen publieksonderzoek gedaan om het bestaande publiek beter te leren kennen. Hierbij valt op dat het festival een relatief jong publiek trekt. Met de creatieve inzet van een junior curator wordt hierin nog verdieping gezocht.

Er wordt bovendien een ambitieuze groei in publieksbereik nagestreefd in de komende periode. Er wordt echter niet duidelijk omschreven hoe dit gerealiseerd gaat worden en de realiteitszin van deze groei is ook niet af te lezen uit het aantal voorgenomen activiteiten. Er zijn weliswaar specifieke doelgroepen benoemd, maar in de marketingaanpak wordt niet ingegaan op de wijze waarop deze met de verschillende activiteiten bereikt worden.

Cinedans formuleert geen concrete visie op het bereiken van een cultureel divers samengesteld publiek. De cultuureducatieve activiteiten zouden hierbij een grotere rol kunnen spelen. Wel wordt fors ingezet op strategische allianties, waardoor Cinedans goed gebruik maakt van de mogelijkheden en uitstraling van andere organisaties. Daarbij zou in de ogen van de commissie nog sterker ingezet mogen worden op uitbreiding van de presentatiemogelijkheden, bijvoorbeeld door de programmering digitaal te ontsluiten en door naast de intensieve samenwerking met EYE, ook nog meer te investeren in de partnerschappen die er met de Tolhuistuin, De Krakeling, Podium Mozaïek en Bijlmer Parktheater zijn.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als goed. Cinedans verbindt zich intensief met culturele organisaties in Amsterdam, zowel met diverse podia als binnen de dans- en filmsector. Hierdoor ontstaat intensieve inhoudelijke samenwerking met meerdere partijen, die duidelijk is uitgebouwd de afgelopen jaren. Deze maakt dat de relatief kleine organisatie toch goed zichtbaar is en met relatief weinig middelen een groot aantal activiteiten weet te realiseren. Met het groeiende aantal buurtgerichte activiteiten zoekt Cinedans verbinding met de bewoners van de stad.

De commissie beoordeelt de spreiding als goed. Het grootste deel van de activiteiten vindt plaats in EYE in Noord en vindt daarmee plaats buiten het stadscentrum. Daarmee draagt Cinedans goed bij aan de stedelijke spreiding van het cultuuraanbod en het publieksbereik daarvan.

Conclusie

De commissie heeft waardering voor de voorgenomen groeiambities van Cinedans, ook buiten haar kerntaken als festival om. De commissie oordeelt echter dat de gevraagde subsidie en het aantal voorgenomen activiteiten en publieksbereik in de stad, niet in verhouding staan tot het subsidieniveau en de activiteiten in voorgaande periode. De commissie ziet hierom binnen de beschikbare budgetten voor Cinedans vooral de noodzaak te investeren in de groeiambities binnen haar kerntaak als presenterend festival en niet in verdere randactiviteiten of de producerende taak, omdat deze naar oordeel van de commissie niet logisch voortvloeien uit de artistieke missie. De commissie adviseert de aanvraag van Cinedans gedeeltelijk te honoreren met een subsidie van € 60.000 per jaar.