Amsterdamse Bostheater

Theater
Aangevraagd: € 280.000
Toegekend: € 250.000
Toegekend 2013-2016: € 249.730

Inleiding

Het Bostheater streeft speelsheid na in vorm en inhoud, gebaseerd op een dramaturgisch fundament. De overkoepelende artistieke visie rust op drie pijlers: een inhoudelijke en artistieke fascinatie, vakmanschap en ontwikkeling en de relatie met het publiek. De hoofdvoorstelling is de ruggengraat van het Bostheater en de voorstellingen zijn gebaseerd op de canon van het toneelrepertoire, bewerkt om tot een actuele essentie te komen.

De plek van het Bostheater is verbonden met het gezelschap en daarmee met de visie. De keuze om op deze bijzondere locatie in het bos, in de openlucht, te spelen is daarbij een inhoudelijk gegeven. Het vertaalt zich in activiteiten die het Bostheater zelf (mede) produceert, initieert en presenteert en in programma’s van externe producenten, makers en organisaties. Voor de activiteiten op gebied van talentontwikkeling, scholing en onderzoek werkt het Bostheater samen met collega’s en opleidingsinstituten. De hoofdvoorstelling produceert de organisatie met diverse partners om de artistieke aspiraties te verwezenlijken. Door een hechte samenwerking met Amsterdamse en landelijke partners wil het Bostheater de ambitie verwezenlijken om een prominent zomerpodium van Amsterdam te worden.

In de komende kunstenplanperiode 2017-2020 is de organisatie wederom voornemens om jaarlijks een hoofdvoorstelling te produceren in de zomerperiode. Samenwerking met coproducenten voor de hoofdvoorstelling geeft de organisatie een artistieke impuls en maakt het mogelijk interdisciplinaire voorstellingen te maken met een grote cast. Daarnaast wordt, onder de noemer Boslab, een programma op gebied van talentontwikkeling neergezet. Tevens wil de organisatie het theater als presenterend podium optimaal benutten. Door uitbreiding van het aantal concerten en voorstellingen, theatrale nevenactiviteiten en randprogrammering wil de organisatie een stijgende lijn in het aantal bezoekers creëren. Het Bostheater continueert daarvoor ook de samenwerking met gezelschappen, theaters en festivals. Er is in voorgaande periode gestart met theateratelier Within this Wooden ‘O’ dat in de komende periode wordt gecontinueerd en verdiept. Tijdens dit atelier worden theaterworkshops, trainingen, lezingen en debatten over maatschappelijke onderwerpen, artistieke ontmoetingen en onderzoeksprojecten georganiseerd.

Het Amsterdamse Bostheater ontvangt in de periode 2013-2016 meerjarige subsidie vanuit het Kunstenplan van de gemeente Amsterdam voor een bedrag van € 249.730 per jaar. Het Amsterdamse Bostheater vraagt voor de activiteiten in het kader van het Kunstenplan 2017-2020 een bedrag van jaarlijks € 280.000.

Artistiek-inhoudelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de artistiek-inhoudelijke kwaliteit als voldoende. Het Bostheater is een uniek podium in de stad en trekt jaarlijks een groot publiek naar deze bijzondere plek. De organisatie bestaat uit twee onderdelen: een producerende en een programmerende tak. De commissie is van oordeel dat de jaarlijkse grote hoofdvoorstelling, die de kern vormt van de producerende tak, een overtuigende artistiek inhoudelijke motivatie ontbeert.

Het profiel van de hoofdvoorstelling is eerder te herkennen in vormaspecten (groot spektakel, meer fysieke speelstijl, circuselementen) dan vanuit een sterk geformuleerde artistiek inhoudelijke motivatie. De commissie is op basis van de voorstellingen van afgelopen periode van oordeel dat de jaarlijkse grote hoofdvoorstelling, die de kern vormt van de producerende tak, een sterke regie mist. Het resultaat van de voorstellingen is te wisselend van kwaliteit. De commissie mist een regievisie die aansluit bij de uitdagingen van een dergelijk groot podium in de openlucht.

De commissie is van mening dat het teveel ontbreekt aan vakmanschap in de regie om te kunnen vertrouwen op hoofdvoorstellingen die zich kwalitatief onderscheiden van het aanbod in de stad. De commissie ziet het hiermee niet als kerntaak van de organisatie om zelf de artistieke leiding en productie van de hoofdvoorstelling ter hand te nemen. De plannen voor coproducties van het Bostheater weten wel te overtuigen. Ze laten zien dat een producerende invulling van het podium ook op kwalitatieve wijze door een andere organisatie uitgevoerd kan worden. De coproducerende gezelschappen wekken daarbij vertrouwen.

Ook de programmerende tak van het Bostheater toont volgens de commissie meer kwaliteit, vakmanschap en samenhang. Al wordt het niet helemaal helder hoe de activiteiten binnen de programmalijn Within this Wooden ‘O’ daartoe bijdragen. De gastprogrammering en randprogrammering zijn kwalitatief goed, tonen sterke samenwerkingspartners en zullen ook zeggingskracht hebben voor een cultureel divers publiek. De programmerende tak weet de unieke plek van het podium goed te benutten, waardoor dit onderdeel van de organisatie onderscheidend is. Ook met het Boslab wordt een sterk element toegevoegd; uit de invulling hiervan blijkt tevens een heldere visie op talentontwikkeling, die aansluit bij de behoeften van jonge makers. Zo worden er voor hen kansen gecreëerd om zich te ontwikkelen op een groot podium.

Zakelijke kwaliteit

De commissie beoordeelt de zakelijke kwaliteit als goed. Het Bostheater heeft afgelopen periode te kampen gehad met tegenvallende financiële resultaten door slechte weersomstandigheden gedurende de zomerperiode en daardoor tegenvallende publieksinkomsten. De commissie heeft waardering voor de wijze waarop de organisatie het hierdoor ontstane negatieve vermogen heeft weggewerkt, met name door het effectief reorganiseren van de bedrijfsvoering.

De zakelijke weg die in de komende periode wordt ingeslagen toont vertrouwen in een solide basis om de voorgenomen activiteiten te realiseren. Uit de plannen blijkt dat de organisatie goed beseft waar risico’s zitten. De producerende taak van de organisatie blijft echter een onstabiele factor voor financiële continuïteit. De programmerende functie van de organisatie zorgt voor het gewenste evenwicht. De begroting toont enigszins uit balans: de kosten van de producerende en programmerende onderdelen zijn enigszins uit verhouding. Een groot deel van de inkomsten gaat naar de hoofdvoorstelling. Een duidelijkere keuze in kerntaken zal volgens de commissie leiden tot een begroting die ook beter haalbaar wordt. Het Bostheater heeft een realistisch aandeel eigen inkomsten.

De commissie vindt het een goede ontwikkeling dat het Bostheater extra inkomsten wil realiseren door te investeren in de podiumfaciliteiten, onder andere met betere horecavoorzieningen. De commissie spreekt daarbij de hoop uit dat het Bostheater, als belangrijke publieksvoorziening in het Amsterdamse Bos, de hiervoor benodigde ondersteuning krijgt van de Gemeente Amsterdam en ook van de Gemeente Amstelveen. Dat deze laatste tot op heden minimaal financieel bijdraagt aan het podium en het Bostheater onvoldoende steun geeft, terwijl duidelijk ook veel publiek uit die gemeente zijn weg naar het podium vindt, vindt de commissie onbegrijpelijk. Het bestuur is op orde, de aanvrager werkt met een Raad van Toezicht. In de kunstenplanperiode 2013-2016 is actief door de organisatie gereflecteerd op de negen governance-principes van de Governance Code Cultuur en de toepassing van deze principes in de eigen instelling. De organisatie heeft geen concrete visie en aanpak op de culturele diversiteit van het personeelsbestand en het toezicht.

Publiek

De commissie beoordeelt het criterium publiek als ruim voldoende. De commissie constateert dat de organisatie een duidelijke visie heeft op publiek, maar de wijze waarop dit de komende periode effect moet krijgen nog volop in ontwikkeling is. Met de programmering in de zomerperiode wordt op een prachtige plek in de openlucht een breed en divers publiek getrokken, dat doorgaans niet vaak in het theater komt. Dat is ook de kracht van de locatie en deze wordt door de organisatie goed benut.

Met de programmerende activiteiten wordt met name nieuw publiek bereikt. De randprogrammering en gastprogrammering door andere organisaties geven het Bostheater gelegenheid nieuwe - ook meer cultureel diverse - doelgroepen aan te spreken en bekend te maken met het podium. De organisatie heeft hiervoor een uitgebreid marketingplan toegevoegd. De commissie krijgt wel de indruk dat de huidige kleine organisatie er niet geheel op is ingericht de beoogde doelstellingen ten aanzien van marketing te realiseren. De specifieke expertise is nu niet aantoonbaar aanwezig binnen het kernteam.

Het Bostheater geeft zelf in de plannen aan nog te willen groeien, met name in bekendheid als presenterend podium. Hiervoor gaat de organisatie nieuwe samenwerkingen aan, om zo een programma te realiseren dat gedurende een langere periode in het jaar publiek blijft trekken. Met name de samenwerking met De Melkweg is hierbij interessant. Het is niet altijd even helder wat de motivatie is voor de beoogde samenwerking en gekozen programmering en op welke doelgroepen deze zijn gericht. De organisatie geeft goed blijk zich bewust te zijn waar nog mogelijkheden voor publieksgroei zitten; de resultaten hiervan zullen in de komende periode duidelijk moeten worden.

Belang voor de stad: verbinding en spreiding

De commissie beoordeelt de verbinding met de stad als goed. Het Bostheater gaat diverse samenwerkingen aan binnen de culturele sector, met name via coproducerende en programmerende activiteiten. Voor de Boslab activiteiten heeft de organisatie een duidelijk gemotiveerde ketenaanpak ontwikkeld, die goed is ingebed in de organisatie. Binnen de keten van talentontwikkeling heeft het Bostheater daarmee een verbindende taak opgepakt.

De commissie beoordeelt de spreiding als zwak. Het Bostheater waar alle activiteiten plaatsvinden is gevestigd in Stadsdeel Zuid, grenzend aan gemeente Amstelveen. Daarmee draagt de organisatie niet bij aan de spreiding van het aanbod en publieksbereik in de stad. Het Bostheater is volgens de commissie een unieke en onmisbare podiumplek in Amsterdam dat veel publiek uit diverse delen van de stad trekt.

Conclusie

De commissie is niet overtuigd van de kwaliteit, het vakmanschap en het onderscheidend vermogen van de producerende activiteiten en ziet een door het Amsterdamse Bostheater zelf geproduceerde hoofdvoorstelling daarmee niet als kerntaak van deze organisatie, en niet subsidiabel. De commissie adviseert de aanvraag van het Amsterdamse Bostheater gedeeltelijk te honoreren voor de activiteiten als presenterend podium en voor talentontwikkeling, op het huidige subsidieniveau van jaarlijks
€ 250.000. De commissie adviseert om van dit bedrag jaarlijks € 70.000 toe te kennen onder de verplichting om:

- uiterlijk 1 oktober 2016 aan het AFK ter goedkeuring voor te leggen:

   - een plan voor de invulling van (externe) programmering of een productie in de zomerperiode door een andere organisatie, passend bij de locatie.